Ze werd onlangs ontmaskerd als Viool in The Masked Singer. Zangeres Lisa van Rossem, bekend onder haar artiestennaam LEEZ, koestert niet alleen een grote liefde voor muziek, maar ook voor dieren. Drie jaar geleden adopteerde ze een oudere hond uit het asiel, Misu, die intussen bijna dertien is. “Ik hoop dat ik hem nog lang bij me mag hebben”, zegt Lisa.
Waar heb je Misu vandaan?
LISA VAN ROSSEM: “Toen Misu acht jaar oud was, werd hij samen met een jongere hond gevonden in een bos, vastgebonden aan een boom. Misu had een chip, de andere hond niet. Zo belandde hij, in verwaarloosde toestand, in dierenasiel Veeweyde in Turnhout.
In eerste instantie probeerde het asiel Misu samen met de andere hond ter adoptie aan te bieden. Na een tijdje bleek een duo-adoptie toch niet nodig: Misu heeft wel enkele hondenvriendjes, maar is vooral graag op zichzelf. De jongere hond werd intussen geadopteerd, maar Misu bleef achter in het asiel. Ik volg dierenasiel Veeweyde al jaren – ik sponsor hen ook – en had Misu dus al online zien passeren.
Op dat moment woonde ik nog bij mijn ouders en zij wilden geen hond meer. Pas vlak voor mijn dertigste ben ik hier komen wonen. Toen werd een hond wel een optie.”
Wat sprak je zo aan in Misu?
LISA: “Toen hij nog in het asiel zat, had hij een onderbeet met van die scheve tanden die langs alle kanten uitstaken. Dat was misschien wel lelijk, maar ik vond het juist schattig. Vlak voor de adoptie werden bijna al zijn tanden getrokken, omdat zijn gebit in slechte staat was. Hij heeft nog één kort uitstekend tandje. Soms blijft zijn lip daar een beetje aan hangen, waardoor je zijn onderbeetje opnieuw ziet. Dan vind ik hem echt om op te eten.
Ik bleef Misu online tegenkomen en dacht telkens: zou hij iets voor mij zijn? Tegelijk twijfelde ik enorm. Ik heb geen heel klassiek, gestructureerd leven. Daarom ben ik met het asiel gaan praten en heb ik heel eerlijk uitgelegd hoe mijn leven eruitziet. De vraag was: past Misu daarin? Het welzijn van een hond is uiteindelijk het allerbelangrijkste.
Misu was toen al negen en een half en zat al meer dan een jaar in het asiel. Ik had hem intussen ook in het echt ontmoet en dacht: ga ik nu echt een oudere hond adopteren? Ik hecht me ontzettend aan dieren en wist dat het afscheid ooit heel zwaar zou worden. Maar dan besloot ik dat ik mijn toekomstig verdriet niet mag vooropstellen boven Misu’s huidige geluk. Mijn beste vriendin had me ook al een brief geschreven in Misu’s naam. Rond die periode werd ik dertig. Mijn mama vroeg: ‘Wat wil je voor je verjaardag?’ Ik kon maar één wens bedenken: Misu adopteren. En zo ging het ook: een dag na mijn verjaardag was Misu hier. Dat is nu ongeveer drie jaar geleden.”
Actieve senior
Merk je aan hem dat hij al een dagje ouder is?
LISA: “Hij zit nog vol energie. Als je hem ziet spurten tijdens het wandelen, denk je: hoe kan hij al twaalf zijn? Misu is nog erg levendig en moet elke dag gaan wandelen. Doen we dat niet, dan wordt hij ambetant, omdat hij zijn energie niet kwijt kan.”
Was het een bewuste keuze om voor een asielhond te gaan in plaats van voor een pup?
LISA: “Ja, zeker. Mijn vrienden maakten dezelfde keuze. Toen ik zelf nog geen honden kon houden, ging ik wandelen met asielhonden. In het asiel leerde ik een zwarte Duitse herder kennen, Devil, een ongelofelijk lief beest. Mijn vrienden hebben hem uiteindelijk geadopteerd. Dat bevestigde voor mij de schoonheid van adoptie. Bovendien heb ik niet de energie of tijd om een pup helemaal vanaf nul op te voeden. Misu was vanaf dag één zindelijk, luistert goed en kan zelfs perfect loslopen.”

Weet je iets over zijn verleden, over de tijd vóór hij in het asiel belandde?
LISA: “Heel weinig. Wat ik weet, leid ik vooral af uit hoe hij op bepaalde dingen reageert. Zo is hij bang voor felle geluiden. Hij schrikt al als ik zijn eetkommetje te hard op de grond zet of in mijn handen klap. Haal ik een vliegenmepper boven, dan wil hij meteen wegvluchten. Ik vermoed dat Misu daar slechte ervaringen mee heeft gehad. Gisteren was ik een IKEA-kastje in elkaar aan het steken en dat werd hem ook te veel. Hij wilde bijna door de muur kruipen van angst.
In het begin was Misu helemaal geen knuffelaar. Hij was afstandelijk en ik mocht hem niet oppakken, want dan gromde hij. Maar hij kon de trap niet op, terwijl hij wel naar boven wilde. Ik dacht toen: wat heb ik gedaan? Ik snapte die hond helemaal niet en zou hem nog jaren bij me hebben. Maar gaandeweg hebben we elkaar leren kennen en groeide het vertrouwen. Nu is hij een echte flemer bij mij geworden.
Hij heeft ook zijn eigenaardigheden. Zo heeft hij een soort voetfetisj: als je je voet uitsteekt, komt hij er overheen staan en begint hij zijn buikje tegen je voet te wrijven. Hij wil het liefst met voeten geaaid worden. Als ik in de zetel zit, komt hij altijd aan mijn voeten liggen. Soms krijg ik er zelfs stijve beenspieren van, want als ik stop met aaien, tikt hij met zijn pootje op mijn voet, alsof hij wil zeggen:
“Doe eens verder.” En dan zijn er nog zijn ‘babbeltjes’. Elk grommetje betekent iets anders.”
Babbelaar
Begrijp je intussen wat hij je probeert te zeggen?
LISA: “Ja, ik ken al zijn verschillende geluidjes. Tijdens het aaien hoor ik precies wanneer hij van speels naar ‘nu is het genoeg’ gaat. Dan weet ik dat ik moet opletten. Hij bijt niet echt, maar hij kan wel eens lichtjes pitsen om te waarschuwen. Hij is een echte babbelaar en kan hele verhalen ‘vertellen’. Soms komen er geluiden uit waar ik hard om moet lachen.”

Lees de rest van het artikel in WOEF, editie februari 2026.



