Foto: beeld ter illustratie (© Shutterstock)
Een hond in huis doet meer dan je de deur uit krijgen of gezelschap houden. Nieuw Japans onderzoek, gepubliceerd in iScience, wijst erop dat samenleven met een hond ook een positieve invloed kan hebben op het gedrag en welzijn van jongeren. Pubers die opgroeien met een hond vertonen minder sociale en gedragsproblemen dan leeftijdsgenoten zonder viervoeter. Die impact is niet alleen psychologisch, maar laat zich ook biologisch verklaren.
Gedragsbioloog Takefumi Kikusui leidde het onderzoek aan de Azabu University in Japan. Zijn team analyseerde data van 343 gezonde adolescenten, onder wie 96 jongeren met een hond. Daaruit blijkt dat tieners die opgroeien met een hond beter scoren op sociaal gedrag en minder agressie en probleemgedrag vertonen dan hun leeftijdsgenoten zonder hond.
Volgens de onderzoekers speelt vermoedelijk het microbioom hierbij een sleutelrol. Dat is het geheel aan bacteriën, virussen en gisten in en op ons lichaam. Naast vragenlijsten en gedragsanalyses namen ze ook biologische monsters af. Speekselanalyses toonden aan dat jongeren met en zonder hond ongeveer evenveel verschillende micro-organismen bij zich droegen, maar wel in andere verhoudingen. Sommige bacteriesoorten kwamen vaker voor bij tieners met een hond, andere juist minder.
De samenstelling van het microbioom bij jongeren met een hond bleek dus te verschillen van dat van leeftijdsgenoten zonder viervoeter. De onderzoekers vroegen zich af of die verschillen ook daadwerkelijk een invloed hebben op sociaal gedrag. Om dat te testen, voerden zij een opvallend vervolgexperiment uit: microben van tieners werden overgebracht op muizen die zelf geen microbioom hadden. De resultaten waren opvallend: muizen die microben kregen van jongeren met een hond, gedroegen zich socialer. Ze snuffelden vaker aan onbekende muizen en zochten vaker contact met soortgenoten die opgesloten zaten.
“Hoewel menselijk en dierlijk gedrag niet één op één te vergelijken is, suggereren
onze resultaten dat het microbioom deels verantwoordelijk kan zijn voor de verbetering van sociaal gedrag bij jongeren die met een hond samenleven”, schrijven de onderzoekers. Tegelijkertijd benadrukken ze dat vervolgonderzoek noodzakelijk blijft en dat een hond geen garantie biedt voor een betere mentale gezondheid. “Ook zonder hond kan een divers microbioom een positieve invloed hebben.” Daarnaast kan het houden van een hond in sommige gevallen juist extra stress met zich
meebrengen.
Tekst: Karolien Selleslags



