OORSPRONG
Zoals zijn naam doet vermoeden, is de bouvier des Flandres een ras van bij ons. Het verleden van deze veedrijver en waakhond is diep ingeworteld in de zand-, leem- en kleibodems van het platteland. Zijn roots strekken zich uit over Vlaanderen en zelfs tot een stukje in Frankrijk, meer bepaald het gebied dat aan West-Vlaanderen grenst. Het is daar, op boerderijen, dat de bouvier werd ontwikkeld. Hij werd er geboetseerd tot de hond die we vandaag kennen: een werklustige, zelfverzekerde en betrouwbare herdershond. Alsof de hardwerkende Belgische landbouwers een hond schetsten naar hun eigenbeeld!
“Bouvier des Flandres” betekent “koeherder uit Vlaanderen”. Hij staat ook bekend als “Vlaamse koehond” of kortweg “bouvier”. Zijn exacte ontstaansgeschiedenis is onbekend, maar vermoedelijk liggen ruwharige herdershonden zoals de Laekense herder en de Picardische herdershond aan de oorsprong. Zij werden gekruist met de Belgische mastiff (mâtin belge), een hond die in de negentiende eeuw vooral als trekdier dienstdeed.
De bouvier des Flandres heeft een curriculum vitae om u tegen te zeggen. Op zijn cv staan competenties vermeld als koeien drijven, vee beschermen, het erf bewaken, zware landbouwwerktuigen voorttrekken en de (melk)karren naar de markt vervoeren. De bouvier is een werkhond in hart en nieren. Hij kon zowat elke taak op de boerderij aan – behalve misschien het uitmesten van de stallen. Het is dankzij zijn werklust, zelfstandigheid en veelzijdigheid dat de bouvier indertijd veel aanzien verwierf.
Na de Tweede Wereldoorlog werd de bouvier ook ingezet als politiehond, hulphond en speurhond bij reddingswerk. Tegenwoordig is de Vlaamse koehond nog steeds een veelzijdige werkhond, maar hij heeft ook het leven als gezinshond leren waarderen. Een leven waar hij met volle teugen van geniet, zolang hij maar niet “werkloos” is. Want hoezeer hij ook van het gezinsleven houdt, de bouvier snakt nog steeds naar uitdagingen. Al hoef je hem niet je tuin te laten omploegen of op een kudde koeien los te laten om hem die uitdaging aan te bieden. Tegenwoordig kan hij zijn ei ook kwijt in verschillende hondensporten.
RASKENMERKEN
Het is moeilijk om niet onder de indruk te zijn van de bouvier. Hij is een stoere, krachtige verschijning. Ondanks zijn geblokte uiterlijk, is hij verrassend soepel en compact. Ook de grote kop van de bouvier kan intimiderend overkomen. Hij heeft veel gezichtsbeharing: borstelige wenkbrauwen, een weelderige snor en een zware baard. Die baard is vaak nat en er blijven soms etensresten en vuiltjes in kleven. Dat leverde hem de bijnaam “vuilbaard” op.
Heb je smetvrees? Dan is een hond met de bijnaam ‘vuilbaard’ misschien niet jouw ideale huisgenoot. De bouvier durft weleens wat kwijl achter te laten in zijn omgeving. Bovendien heeft zijn warrige vacht een bijzondere aantrekkingskracht op vuil. Zo sleept hij geregeld een heel assortiment takjes en bladeren het huis in.
KARAKTER
De bouvier is geen hond voor iedereen. Hij heeft een zeer sterke persoonlijkheid en dat vraagt om een ervaren eigenaar die weet waar hij mee bezig is. Het is dus beslist géén beginnershond. Het ideale baasje van de bouvier is zelfzeker, rustig en consequent.
Als werkhond is hij het neusje van de zalm. De bouvier werkt graag samen met zijn baas en zet zich voor de volle honderd procent in om een taak tot een goed einde te brengen. Net omdat hij zo’n werklust heeft, is het belangrijk dat hij een taak of bezigheid krijgt.
OPVOEDING
Door hun will to please zijn bouviers goed te trainen. Let wel: “goed” is niet hetzelfde als “makkelijk”. Vroeger moest de bouvier zowel op het landbouwveld als op het slagveld zelfstandig functioneren. Die zelfredzaamheid zit ingebakken in zijn DNA, want hoewel hij zeer graag samenwerkt met zijn baas, zal hij niet zomaar klakkeloos commando’s uitvoeren er eerst over na te denken. Omdat hij slim en zelfstandig is, zal hij ook snel ongewenst gedrag aanleren. Ziet hij het nut van een oefening niet in of verveelt hij zich, dan doet de bouvier gewoon zijn eigen zin. Zijn brein bezighouden is dus even belangrijk als voldoende beweging.
De intelligente bouvier kan situaties analyseren en inschattingen maken. Bovendien heeft hij een sterk ontwikkelde neus. Dat maakt hem ideaal voor reddingswerk bij rampen als lawines en aardbevingen. Ook sportdisciplines als IPO, gehoorzaamheid en speuren zijn hem op het lijf geschreven.
GEZONDHEID EN VERZORGING
Deze robuuste viervoeter heeft een sterke gezondheid. Kortom: een oerdegelijke hond die niet snel last heeft van ditjes en datjes. De bouvier leeft lang voor een hond van zijn formaat: hij wordt gemiddeld 10 à 12 jaar.
Zijn dikke, dubbele vacht moet geregeld worden geborsteld om klitten te voorkomen. Een bezoek aan het trimsalon om de paar maanden wordt aangeraden om hem weer netjes voor de dag te laten komen.
LEVEN MET EEN BOUVIER
De bouvier brengt graag tijd door met zijn gezin. Hij geniet ervan om deel uit te maken van het gezinsleven, terwijl hij aandachtig over iedereen waakt. Als hij goed gesocialiseerd is, kan hij prima overweg met soortgenoten, kinderen en andere huisdieren.
Een “modehond” of trendy ras zal de bouvier misschien nooit worden. En ergens is dat ook logisch: het is geen hond die je zomaar even in een appartementje kan houden én hij vraagt om een ervaren eigenaar. Maar tegelijkertijd is dat ook de charme van de bouvier. Hij is een uniek dier, een stukje levend erfgoed. Ben jij een van de gelukkigen die zo’n bijzonder beest in huis haalde? Dan heb je een stille bewonderaar die àltijd in jouw buurt is. Wat kan je nog meer wensen?




