Jackrussellterriër

jack russell
Het is een hond met een hoek af, in de positieve zin.

OORSPRONG

Hoewel de jackrussellterriër met zijn kwajongensachtige blik misschien niet meteen het beeld van een heilig boontje oproept, begint zijn ontstaansgeschiedenis in de negentiende eeuw bij een geestelijke: de Britse dominee John Russell, “Jack” voor de vrienden. Russell was niet alleen begeesterd door het geloof, maar ook door het fokken van jachthonden. De vossenjacht was zijn favoriete bezigheid, iets wat hem de bijnaam ‘de sportieve dominee’ opleverde. Om nog beter uit te blinken in zijn favoriete tijdverdrijf, besloot de dominee om de ideale jachthond te ontwikkelen. Die ideale jachthond moest een vos uit zijn hol jagen of eruit sleuren, zodat de jager het prooidier, zodra het boven de grond kwam piepen, kon afschieten. De taak van de jachthond was niet voor doetjes: op onbekend terrein in een ondergrondse tunnel kruipen en de strijd aangaan met een roofdier dat zijn hol met huid en haar verdedigt. De jachthond die Russell wilde creëren moest dus een koelbloedige, intelligente jager zijn, sluwer dan de vos waarop hij jaagde. 

Het begon allemaal in 1819, toen dominee Russell nog studeerde aan Exeter College, Oxford. Hij zat in zijn laatste jaar aan de universiteit toen hij op een dag een klein, wit teefje zag dat op een melkkar meereed. Russell was zo onder de indruk van het beestje dat hij het overkocht van de lokale melkboer. Trump, zo heette het beestje, werd de stammoeder van het fokprogramma van de dominee en vormde de basis van het ras zoals we het vandaag de dag kennen. 

Russell kruiste Trump onder andere met een black-and-tan-terriër in de hoop de perfecte jachthond te creëren. Ongeveer halverwege de negentiende eeuw was Russell eindelijk in zijn opzet geslaagd. Vanaf dan werden honden afkomstig van zijn fokprogramma als een apart hondenras beschouwd. Tijdens de jacht werkten de jack russells samen met grotere jachthonden, zoals foxhounds. De hounds deden het snuffelwerk en spoorden de vos op. Vervolgens maakte de jackrussellterriër de klus af door de vos tot in zijn hol te volgen, zich desnoods een weg naar binnen te graven, zodat de jager de prooi te pakken kreeg.

Hoewel de jackrussell oorspronkelijk werd ontwikkeld voor de vossenjacht, bewees deze veelzijdige viervoeter ook zijn talent bij de jacht op andere dieren die onder de grond leven, zoals konijnen en dassen. Hij bleek ook een uitstekende ongedierteverjager op de boerderij. 

De hondjes van de dominee werden razend populair. De dominee zelf verging het minder goed. Gebukt onder financiële moeilijkheden moest hij meermaals noodgedwongen al zijn honden verkopen. Toen dominee Russell in 1883 stierf, had hij slechts vier oude terriërs. Russell werd soms beschreven als een flamboyante persoonlijkheid, een eigenschap die ook vaak aan zijn honden wordt toegeschreven. De nalatenschap van de dominee leeft voort in het hondenras dat zijn naam draagt.

Binnen het ras van Russell ontstonden er twee types: de ‘originele’ versie met lange poten en een kleinere variant. Die laatste is waarschijnlijk het gevolg van kruisingen met Welsh corgi’s en andere kleine terriërrassen. De kleine hondjes werden pudding dogs, shortie jacks of russell terriërs genoemd. De grotere variant kreeg de naam  parsonrussellterriër (‘parson’ is Engels voor ‘dominee’). Naarmate de decennia verstreken, nam de behoefte aan jachthonden en ongedierteverjagers af. Toch bleef de jack russell van tel. Het charmante, pientere hondje werd over de hele wereld populair als gezinshond en sportmaatje. Toch bleef de Fédération Cynologique Internationale (FCI, een internationale overkoepelende organisatie voor rashonden) achter. Pas in 2001 werd de parsonrussellterriër erkend als hondenras. De jackrussellterriër kon zijn bastaardstatus definitief achter zich laten in 2003. 

Omdat jack russells lange tijd meer op werkcapaciteiten dan op uiterlijk werden geselecteerd, is het ras grotendeels hetzelfde gebleven als bijna 200 jaar geleden: een slim, taai en energiek hondje!

RASKENMERKEN

Het uiterlijk van de jack russell werd niet geboetseerd naar schoonheidsidealen, maar was volledig gericht op functionaliteit voor de jacht. Zo heeft hij een compact en gespierd lichaam, ideaal voor snelheid, behendigheid en uithouding. Zijn smalle borst, flexibele ruggengraat en sterke poten komen van pas wanneer hij zich door een smalle tunnel of burcht probeert te wringen. Zelfs zijn overwegend witte kleur heeft een praktisch nut. Zo konden jagers de jack russell makkelijk onderscheiden van hun prooi.

De overwegend witte kleur gaat gepaard met black-and-tan-aftekeningen of tankleurige (bruinachtige) aftekeningen. De jackrussellterriër komt in drie vachtvarianten voor: gladharig, ruwharig en ‘broken’, waarbij dat laatste iets tussen glad- en ruwharig is. Bij de gladharige variant volstaat het om hem zo nu en dan eens te borstelen. De ruwharige en broken jack russell moeten ook enkele keren per jaar naar een trimsalon.

KARAKTER

De jack russell is het perfecte voorbeeld van een kleine hond met een grote persoonlijkheid. Het is een intens hondje. Alles wat hij doet, doet hij met veel overgave: of hij nu achter zijn balletje aan rent of knuffelt. Hij is nieuwsgierig, energiek en speels. Touwtjetrekken, zoekspelletjes, om het snelst rennen met de kinderen… De jack russell lijkt wel onvermoeibaar! In huis is deze turboterriër over het algemeen rustig. Al is hij niet het type hond dat van de kantlijn toekijkt op het gezinsleven. Integendeel, hij wil er actief deel van uitmaken. Gaan zijn gezinsleden zich ’s avonds voor de televisie nestelen, dan springt de jack russell als eerste op de zetel. En kom je met een volle tas thuis na het winkelen, dan steekt hij zijn nieuwsgierige neus erin, alsof hij je boodschappen aan een kwaliteitscontrole wil onderwerpen. 

Je kunt de hond wel uit de jacht halen, maar kun je de jacht wel uit de hond halen? De eigenschappen die van de jack russell een uitstekende jachthond maken, zijn ook vaak juist de eigenschappen die baasjes als ongewenst gedrag beschouwen, zoals graven, blaffen en dingen achternajagen. In een ver verleden werd van dit hondje verwacht dat hij van zich liet horen om met de jager te communiceren. Nu lijkt het misschien wel grappig als de jack russell luid blaffend de komst van de postbode weet aan te kondigen, nog voor die een brief in je brievenbus kan stoppen. Het lijkt ook misschien hilarisch dat hij alarm slaat als de kat van de buren zich op het dak van je tuinhuisje durft te begeven. Maar als je hond die dingen voor de honderdduizendste keer doet, kan het lachen je vergaan… 

Een huiselijke activiteit waar de jack russell maar al te graag bij helpt, is tuinieren. Zeker als de grond omgespit moet worden, want hij heeft een talent voor graven. In een vossenhol moest hij soms wel graven alsof zijn leven ervan afhing. Vandaag gaat hij met dezelfde ernst te werk wanneer hij je tuin omtovert tot een kraterlandschap. Jack russells bezitten ook nog steeds een jachtinstinct. Een vos vangen zit er misschien niet meer in, maar als deze honden de kans krijgen een muis of rat te vangen, zullen ze die niet afslaan. Al beperkt het ‘jagen’ zich bij de meeste exemplaren tot het vangen van een bal of frisbee, of het aan flarden scheuren van een pluche speeltje, totdat ze de pieper die erin zit te pakken krijgen.

OPVOEDING

Jackrussellterriërs worden helaas vaak afgeschilderd als koppige hondjes waar niets mee valt aan te vangen. Niets is minder waar. Het zijn net leergierige, ondernemende beestjes die graag samenwerken met hun baasje. Ze zijn intelligent en speels, wat hen uiterst trainbaar maakt. Zeker als je de trainingen uitdagend houdt en er een spelletje van maakt. Een jack russell die op jonge leeftijd al een heleboel kunstjes kan, is geen uitzondering. Hij zal die kunstjes ook graag opvoeren om zijn mensen te entertainen, want als er een ding is waar de jack russell van geniet, is het aandacht krijgen. Als een ware clown ontlokt hij oh’s en ah’s van zijn publiek. Veel jack russells kennen bijna al hun verschillende speeltjes bij naam. Een goed getrainde en goed gesocialiseerde jack russell is een droom van een hond, altijd klaar voor actie en affectie!

Maar jack russells zijn ook zelfstandige denkers. Tel daarbij op dat deze hondjes niet snel opgeven en je begrijpt waarom dit ras soms als ‘koppig’ wordt beschreven. Sommige jack russells blijven de grenzen aftasten, zelfs als ze al wat ouder zijn. Een senior die steeds weer zijn balletje ‘per ongeluk’ onder de kast laat rollen en lawaai blijft maken tot het baasje onhandig hurkend probeert dat balletje eronderuit te halen, is geen uitzondering. Wie traint nu eigenlijk wie?

Op vlak van beweging is de jack russell ook een grote hond in een klein lichaam. Hij heeft evenveel nood aan beweging (of zelfs meer) als een grotere hond. Dit beestje is een vlugge denker met snelle reflexen, iets wat onmisbaar was voor de jacht en vandaag ook van pas komt in verschillende hondensporten. De jack russell is dan ook de ideale hond om een sport mee te beoefenen. Of het nu agility, flyball, speurwerk, canicross of dogdance is, een ding is zeker: de jack russell gooit zich voor honderd procent. Ook voor mensensporten is hij te vinden: je ziet dit hondje op skateboards, op surfplanken, naast zijn baasje hiken… Kortom, een avonturier op korte pootjes! Het hoeft niet te verbazen dat jackies populair zijn bij “paardenmensen”. Op maneges hebben ze al wat ze maar wensen: vrijheid, sociaal contact, buitenlucht en beweging!

GEZONDHEID EN VERZORGING

Over het algemeen worden jack russells erg oud: kranige jackies van 17 jaar en ouder zijn geen uitzondering. Toch moet je extra aandachtig zijn voor de knieën. Trekt je jack soms tijdens het lopen een pootje weg? Dan heeft hij misschien patellaluxatie. Dat is een pijnlijke, erfelijke aandoening waarbij de knieschijf los komt te zitten en uit zijn normale positie kan schuiven. De aandoening komt zo vaak voor bij het ras dat in de volksmond zelfs gesproken wordt van het ‘jack-russellhuppeltje’. Daarnaast is het ook uitkijken voor oogaandoeningen. Kies daarom zorgvuldig een fokker die de ouderdieren test op patellaluxatie en erfelijke oogaandoeningen. 

LEVEN MET EEN JACK RUSSELL

De jack russell is een ras van contrasten: klein van formaat, groot van karakter. Hij is tegelijk een komiek en een serieuze jager. Ondeugend, maar ook verrassend gehoorzaam. Hoewel het ras vaak onterecht wordt bestempeld als hyperactief of lastig, is de waarheid dat je met een russell vooral leven in huis haalt… veel leven! Dit eigenzinnige, grappige hondje met een groot hart vraagt om een baasje met geduld en een goed gevoel voor humor. Maar wie die uitdaging aangaat, krijgt er een trouwe, aanhankelijke metgezel voor terug, eentje die je met zijn gekke fratsen en tomeloze liefde vele jaren vol prachtige herinneringen schenkt. Voor de juiste persoon is de jack russell zonder twijfel de beste hond ooit.

Kenmerken

Grootte: maximum 30 centimeter
Gewicht: 1 kg voor elke 5 cm schofthoogte
Een hondje van 25 cm weegt dus best 5 kg.
Levensverwachting: 15 – 17 jaar
Vachtverzorging: Afhankelijk van het vachttype
Karakter:
  • moedig
  • speels
  • avontuurlijk
  • aanhankelijk
  • vrolijk
Bewegingsbehoefte: matig tot veel
TEKST: Evi Maveau
FOTO’S: Hondenfotograaf.be
Winkelwagen
[profilepress-registration id="2"]
[profilepress-login id="2"]